- Home
- Rubriek:Column
Dat was best wennen voor de liefhebbers, dealers en toenmalige ‘autojournalisten’. De nieuwe Skoda van 1976 bleek een wonderlijk mengsel te zijn van oude en moderne technieken waarbij een van die laatste exponenten niet direct herkenbaar waren voor de oppervlakkige beschouwing door velen. Skoda had om allerlei redenen, ik zal daar in een van mijn publicaties over dit onderwerp nog wel eens wat meer aandacht aan geven, besloten om de motor en aandrijving achterin te laten.
Net als bij de voorgaande modellen S-100-110 en 1000MB. Maar de koeling ging naar voren. De benzinetank kwam nu binnen de stevige kooiconstructie onder de achterbank zodat de kofferbank voorin de neus en bijna dubbel zo grote capaciteit kreeg als bij de voorganger het geval was geweest. Om bij botsproeven het een en ander te laten vervormen zonder direct enorme schade bij inzittenden te veroorzaken, koos men na vele tests voor een kofferdeksel dat naar opzij opende. En daar moesten veel journalisten dan weer om lachen. ‘Bakkerskar’ was nog een van de minst negatieve uitingen. Het waarom van de constructie ontging hen vaak. Gesloten zat die klep namelijk vast op maar liefst vijf plekken en bij een frontale aanrijding vouwde het ding als een harmonica in elkaar, maar schoot niet door de voorruit naar binnen. Elke andere constructie in die dagen deed dat wel. Het gaf de nieuwe Skoda-reeks een behoorlijke veiligheidsmarge, ook al leek dat door die motor achterin niet zo.
Het lachen verstomde wat toen in 1978, de Skoda was toen al drie jaar volop in productie, Mercedes-Benz kwam met haar project 2000 concept. Een beul van een auto waarin Daimler wilde laten zien hoe een auto er in het jaar 2000 uit zou zien. O.a. de foeilelijke Kamm-Tail werd getoond, een soort dakkapel boven op de kofferbak, maar ook een opzij klappende motorklep. Gelijk aan de constructie van Skoda en met precies dezelfde argumentatie. Alleen kwam die Mercedes er nooit in het echt en bleef Skoda haar S-105-12-130-reeks stug doorbouwen tot in 1988.
Schromelijk onderschatte auto’s die veiliger waren dan je zou denken. De opzij klappende koffer/motordeksel verdwenen overigens ook bij Skoda later uit beeld. Ik ken geen auto die er verder mee is uitgerust (geweest), maar mocht dit zo zijn hoor of lees ik graag. Een opmerkelijke constructie die in de praktijk wel bewees goed te werken.
Tweede Pinksterdag 1985. De familie Janssen uit een aardige provinciestad is bijeen om de jaarlijkse Pinksterviering met elkaar te delen. Barbequetje, drankje, en gezellig kletsen. Vader Jan heeft het hoogste woord. Zoals altijd gaat het over voetbal, de politiek en auto’s. Jan heeft zich net een nieuwe Ford aangeschaft om hem en het gezin naar de Limburgse dreven te transporteren waar ze deze zomer een huisje hebben gehuurd van Sporthuis Centrum. De Ford, een Escort, wordt door de familie bewonderd, hoewel sommigen de auto met enige afstand bekijken. Immers, je zult maar behoren tot de grootste rijdende familie van Nederland. De groep van Opelrijders die vrijwel niet van het geloof te krijgen zijn dat dit merk het beste is wat de vaderlandse markt te bieden heeft. Ook al heeft neef Wim dan onlangs besloten om een Toyota te kopen. Niet alles blijkt ideaal natuurlijk. Merken als Ford en Opel zijn acceptabele merken. De familie schaamt zich er niet voor. De vrouwen pochen over de hoeveelheid bagage ze wel niet mee kunnen nemen en hoe men de tent zelfs op het dak weet te stouwen als het er echt op aankomt. Oom Henk is opvallend stil. Die praat liever niet over auto’s. Hij heeft er wel een, maar hij wil niet het middelpunt worden van aangematigde meningen van lieden die niet eens weten waar zijn auto vandaan komt. Henk gaat altijd bier halen als men zijn kant op kijkt om er achter te komen hoe tevreden hij eigenlijk is. Henk rijdt Skoda! Een 120GLS van het laatste type. Maar dat is voor de familie echt onbegrijpelijk. Maar Henk gaat er mee op vakantie, rijdt naar Zuid-Frankrijk, trekt er zijn vouwwagen mee en kan in de auto zoveel bagage kwijt als geen ander. Henk schaamt zich wel, want hij wordt al dan niet onterecht enorm gepest.
Tweede Pinksterdag 2013. De familie Janssen uit datzelfde provinciestadje is wederom bijeen om je traditie van die bijeenkomsten in stand te houden. De samenstelling van de familie is wel veranderd. De nieuwe generatie Janssen’s is nu volwassen. Vader Jan is overleden, Oom Henk zit in een verzorgingshuis. De zoons van de familie zijn nu zo oud als hun vader Jan in 1985 was. Een rijdt nog steeds in een Opel, de andere in een Ford. De kleinzoons alle drie in een Skoda. Twee Octavia’s van de zaak en een van de drie in een splinternieuwe Rapid. Vakantie viert men met het vliegtuig, inkopen doet men bij de Aldi en de Lidl. Handig en voordelig. En in die Skoda’s kan je enorm veel meenemen. De bedrijven waar de kleinzoons werken kozen bewust voor het nu tot VW behorende Tsjechische merk. Uitstraling, kosten per kilometer, veiligheid, zuinigheid, bijtelling, allemaal overwegingen van rationele aard. De kleinzoons bejubelen vooral de wegligging en de prestaties. Achterneef Henk-Jan, een telg uit de familietak waar ooit Oom Henk toe behoorde, haalt koffie voor de hele groep mannen die traditioneel bij elkaar zitten. Hij rijdt geen Skoda, Ford of Opel. Hij koos voor een Fiat. Omdat hij die nu eenmaal mooi vond. Maar dat ligt in de familie erg gevoelig….Want dat imago en zo……. Over dertig jaar hoopt de familie nog steeds bij elkaar te komen met Pinksteren. Benieuwd hoe die gesprekken dan zullen verlopen…..? Wellicht kent u zelf het antwoord al? Past bij de wijsheidsgedachte van het traditionele Pinksterfeest…..
Een van de meest memorabele fabrieksbezoeken die ik zelf ooit aflegde was er een aan Maranello. Waar Ferrari’s worden gebouwd. Waar imago wordt onderhouden, waar car-spotters langs de weg liggen om glimpen op te vangen van speciale uitvoeringen van deze Italiaanse raspaardjes. Want Ferrari’s zijn exclusieve bolides met een grote naam en faam. In ons land door die idioot hoge belastingen niet echt een veel voorkomend fenomeen, maar er zijn plekken waar je ze echt regelmatig tegenkomt. Zo zag ik er in de stad Berlijn vorig jaar meer in een paar dagen rondrijden dan ik in ons land in een jaar kan tegenkomen. Terug naar Maranello. De fabriek die ik zag was modern, schoon, en draaide op een redelijk toerental. Er werden veel meer auto’s gebouwd dan bijvoorbeeld bij het ooit eerder bezochte Aston Martin of Rolls Royce en bij Ferrari maakte men geen punt van speciale wensen voor de klantenkring. Wilde je rode lak en gele remklauwen, via computers werd dan alles precies op tijd geleverd aan de productieband. Het aantal modellen was toen al redelijk groot, men bouwde al die wagens gewoon dwars door elkaar heen en in een aparte hal ook nog Maserati’s met Ferrari-motoren.
Maar nu heeft de directie van Ferrari besloten om het merk exclusiever te houden dan het tot nu toe was. Jaarlijks niet meer dan zeven duizend van die fraaie bolides uit de fabriekshallen. Dat maakt de wagens unieker, meer bijzonder, en vermoedelijk ook wat duurder dan ze tot nu al waren. Voor ons land maakt het niet zoveel uit, maar voor de mensen die er echt voor gaan best een leuk idee. Koop je een Ferrari kkom je een tweede exemplaar van jouw merk niet zo snel tegen. Of je moet natuurlijk op vakantie gaan naar Geneve, Berlijn, de Cote d’Azur of Californie. Om het over Oman of Dubai maar niet eens te hebben. Gezien het imgao van het merk snap ik de beslissing wel. Zouden ze die vreemde wensen van klanten nu ook niet meer uitvoeren? Ik mag hopen van wel toch…. Sinds ik ooit een Ferrari cabrio zag staan op de Salon van Geneve, uitgevoerd door een of andere specialist uit dat land, sta ik nergens meer van te kijken. Maar het blijft een prachtig merk en dat geluid…..mensen….dat is echt speciaal…zeker als zo’n wagen wordt uitgetest in de heuvels rond Maranello….moet je echt een keer gehoord hebben…..
Wat ging er nu precies mis bij die uitzending van Kassa (zaterdag 27 april jl)over het brandstofverbruik van de KIA Picanto? Eigenlijk van alles. Sowieso moet je als merk goed nadenken of je wel wilt meewerken aan een programma waar je publiekelijk aan de schandpaal wordt genageld natuurlijk. Zeker door een presentatrice die meent dat dwars door argumenten heen praten een vorm is van kritische journalistiek. Jammer, maar helaas dat is het dus niet. Hoor en wederhoor. Argumenten voor en tegen. In deze uitzending ging het over mensen die een Picanto hadden gekocht op basis van wat argumenten rond prijs, garantie, BPM-korting, en MRB-vrijstelling en ook nog eens 1 op 24 wilden rijden zoals in de folders werd beloofd. Nooit gekeken naar de website van de ANWB waar voor dit soort karretjes een testwaarde in de praktijk van 1 op 16,9 wordt aangegeven.
Op zich een prima waarde, maar ver af van het verlangde natuurlijk. Hoe je het wendt of keert, KIA doet er niet slim aan om deze waarden zo maar in haar brochures te zetten, de dealers moeten nog wat serieuzer kijken naar het gebruik dat mensen van dat kleine wagentje zullen maken en daarop een meer realistisch verkoopverhaal baseren, en de importeur moet wat serieuzer omgaan met klachten. Of klanten nu gelijk hadden of niet, bij Kassa ging het daar niet om. Daar gaf men een platform aan een of andere verder volkomen onbekende dame van PvdA-huize die pleitte voor meer realistische tests voor juist dit soort wagens. Daarmee moet goed garen te spinnen zijn als partij. Zonder te luisteren naar vakmatige en terechte argumenten bleef ze maar doorkakelen en uithalen naar een trucs uithalende industrie. Tja, ik zou er niet meer heen gaan als importeur. Zoals veel banken en verzekeraars al doen. Of de telefoonaanbieders, de energiebedrijven. Want je kop op het blok leggen is weinig zinvol. Of je moet de afspraak kunnen maken dat je in die uitzending met respect wordt behandeld. Je verhaal mag doen, uit mag leggen waar het aan schort. Zonder dat je constant wordt onderbroken door dat kwakende presentatricetje. Wat dat betreft verdienen de sprekers namens KIA en RAI alle lof. Zij bleven netjes, maakten hun punten duidelijk, en gaven geen duimbreed toe. Niemand gelukkig, niemand geschaad. Nu alleen die folders nog even KIA, want al die economische prietpraat over vermeende zuinigheid zit niemand op te wachten. Zeker de kopers niet.
De hele ochtend zoemt het verhaal al rond op internet; vrouwen krijgen meer bekeuringen voor te hard rijden dan mannen. Ze letten dus minder op de snelheid en krijgen hogere boetes. Als iets zou bewijzen dat vrouwen anders rijden dan mannen, dan dit toch wel. Ik zie niet meteen een bevestiging van die stelling in die boetes, maar wel dat vrouwen minder geconcentreerd rijden als ze eenmaal onderweg zijn. Ze doen alerlei zaken die met autorijden niets van doen hebben. Let maar eens op als je zelf onderweg bent. Er wordt koffie gedronken, make-up bijgewerkt, gegeten, getelefoneerd, zelfs op een laptop gewerkt. De krant zie je meer bij mannen, vrouwen bekijken het nieuws op hun Smartphone. Daardoor letten ze denk ik zelf wat minder op de snelheidsborden. Of op hun navigatie-Tom, die vast wel is ingesteld op waarschuwen voor controles, maar die ze door de ook al keihard aan staande radio niet horen. Heb ik een vooroordeel over vrouwen in het verkeer? Nee hoor, integendeel. Vaak rijden die heel lekker.
Alleen lijden zij net als wat mannen aan het gebrek aan inzicht, gedragen zich soms nodeloos stoer, hebben niets op met spiegels, richtingwaanwijzers of verlichting, en drukken tegenwoordig net zo hard door op de linkerbaan als veel mannelijke collega coureurs. Oh? Je denkt dat ik overdrijf en dat vrouwen wel veel beter opletten in het verkeer dan mannen? Lijkt me goed om dan even op het tweede nieuwsfeit te letten dat aan het eerste gekoppeld was. Vrouwen rijden ook veel vaker door een rood verkeerslicht heen dan mannen. En daar begin ik hem te knijpen. Moeten wij mannen dan voor groen voortaan stoppen? Omdat er altijd een vrouw door rood heen gereden kan komen? Het zijn andere tijden geworden. Emancipatie is leuk, maar het moet niet te ver gaan natuurlijk….
Ik volg al enige tijd op Twitter de diverse hulpdiensten en de politie in ons land. Erg aardig om te zien waar de (om de hoek van mijn werkstek gebaseerde) heli’s van Hermandad naar toe vliegen, of waarom de brandweer over de snelweg raast. Vaak weet ik via het internet al eerder waar die voer- of vliegtuigen heen gaan dan de bemanning. Die politie rukt nog wel eens uit ter ondersteuning van uitgebreid verkeerscontroles. Waarbij ze niet voor niets de vele buitenlandse vrachtwagens die onze snelwegen benutten op de korrel nemen. Want beste lezers, veel van die buitenlandse trucks voldoen niet aan de normen van de Nederlandse APK. Slecht gezekerde lading, te lang doorrijden van de chauffeur, gladde banden en versleten remschijven of voeringen. Onlangs hield de politie een Spaanse vrachtwagen aan. Men keek eens naar de remmen en zag dat die er helemaal aan waren. Je zult zo’n ding achter je krijgen in de file. Reken maar dat hij dwars door je heen rijdt als die remmen ineens moeten werken. Maar goed dat er politie is dan, al is het natuurlijk een illusie te denken dat ze elke slecht onderhouden vrachtwagen van de weg kunnen plukken. Maar elke wagen die ze pakken is er een! Lijkt me nuttiger dan al die tolcontroles langs de snelwegen waarbij men weliswaar veel geld binnenhengelt, maar de verkeersveiligheid nauwelijks dient. Maar dit terzijde.
Ga me nu niet vertellen dat je als lezer meent dat onze vervoermiddelen perse buitenspiegels, een binnenspiegel en richtingaanwijzers af fabriek moeten meekrijgen. Al jaren pleit ik er voor die dingen gewoon als luxe optiepakket mee te leveren. De reden is wel duidelijk. Een belangrijk deel van de automobilisten, vrachtwagenchauffeurs en berijders van tweewielers gebruikt die dingen echt niet. Soms uit pure nonchalance, in andere gevallen omdat men meent zonder op of om te kijken ook van baan te kunnen wisselen of af te slaan. zonde van de inspanningen dus en het brandstofverbruik zal aardig worden verlaagd door die rare uitsteeksels voortaan weg te laten. Wie meent dat ik overdrijf komt zelf te weinig op de Nederlandse wegen. Een gemiddeld ritje van een kilometer of vijftig, en ik maak die dagelijks, vertelt het verhaal.
Er woedt een soort ‘oorlog’ soms, waarbij de zogenaamd slimme en soms wat macho-achtige chauffeurs menen dat als ze nu maar geen richtingaanwijzers gebruiken ze ‘net in dat klein gaatje een baan verderop kunnen duiken’. Anderen kijken echt niet in hun spiegels. Zelfs een Gemeentebus van een meter of 12-13 lengte ontgaat ze nog en een gillende ambulance horen of zien ze echt niet aankomen. Zo reed ik vandaag dwars door de grote stad waar ik woon en werk achter een BMW X5 aan. Kris, kras door de stad. De man die achter het stuur zat (ik geef toe…dacht eerst aan een vrouw, gezien de rijstijl…schande!) gaf echt nergens richting aan, lette niet op de kleur van de verkeerslichten, sneed fietsers af en ramde op enig moment zelfs bijna een geopend portier van een geparkeerde auto. Toen ik de auto eindelijk kon passeren, hij sloeg zonder richting aan te geven af naar een ingang van een parkeergarage, keek ik even naar wie dit soort rijstijl vertoonde.
Het bleek een dikke vijftiger met grijs haar te zijn. Hij keek terug, met een blik van ‘wat moet je van me?’ en ik reed maar door. Want ik wist al wat voor type dit was. Had al 40 jaar zijn rijbewijs en had vooral last van het feit dat anderen hem telkens in de weg zaten met hun pietepeuterige autootjes. Hij was belangrijk, ongetwijfeld. Wel jammer dat die grote gespiegelde en ongetwijfeld verwarmde stukken glas aan de zijkanten van zijn rijdende minicontainer er voor Doedel opzaten, net als die fraai gevormde richtingaanwijzers. Weglaten maar fabrikanten! En alleen leveren aan hen die er om vragen. En berekenen! Wedden dat er maar weinig mensen zijn die ze echt nodig menen te hebben?
Als het om de Autosalon van Geneve gaat ben ik wellicht een laatbloeier in autoland. Pas in maart 1989 vloog ik er voor het eerst heen om een première mee te maken voor een nieuw model van de toen door ons dealerbedrijf gevoerde merk. Ik was meteen verkocht. De omgeving, die hal, die dure mensen, de prachtige vrouwen, de meest idiote tuners en ombouwers. Heel anders dan bij ons in de RAI of de Brusselse autotentoonstellingen zag ik hier een andere wereld. Exclusief, duur, en met soms zeer beperkte standbouw voor merken die ook bij ons best veel voorstelden. Toen ik terechtkwam in het wholesalekanaal bij de grootste importeur van Nederland was Geneve een must geworden. Kijken naar de premières van de door ons gevoerde merken. Steeds weer hetzelfde beeld.
Zeker tijdens de persdagen leek het wel of elk merk een blik verse mooie fotomodellen had open getrokken om bepaalde auto’s aan te prijzen. Soms wist je niet waar je moest kijken. Aardig van dat Geneve is dat die tentoonstellingshal eigenlijk aan de rand van het lokale vliegveld is gelegen en je dus alles te voet af kunt. De invitaties waren door de fabrikanten verzorgd net als de evt. perskaarten. Maar wie er een Frank of 120-150 voor over had kon zo’n ding ook bij de ingang nog wel kopen. De wandeling tussen aankomsthal en tentoonstellingsgebouw voerde langs schitterende winkels met horloges, souvenirs, kleding of speelgoed. Handig als je nog iets anders mee naar huis terug wilde nemen dan een schaalmodel of pak brochures.
Voor echte nieuwe auto’s moet je in Geneve zijn. Een beurs met prestige, passend bij de omgeving. Maar ook een waar prototypes staan die je later nooit meer ergens terug zult vinden. Of merken die het niet in hun hoofd halen elders dan in Geneve hun waren te vertonen. Juist nu is de Salon weer van start gegaan. Vol premières, nieuwe auto’s die voor het eerst worden getoond. Maar ook wagens die alleen voor schuwbarend rijken of krankzinnige verzamelaars voorbehouden zijn. Zoals een Lamborghini waarvan er slechts drie worden gebouwd. Nooit te zien in Amsterdam of Brussel. Daar moest je het doen met de modellen van gisteren en vandaag, zelden met die van morgen. En dat is alleen al een reden om de kant van die fraaie stad tussen de bergen op te vliegen.
Elke week rijd ik zelf een keer of drie, vier over de A2 tussen Amsterdam en Utrecht. Soms ga ik er ergens halverwege af, even overleggen in Breukelen of Woerden, dan weer vervolg ik mijn weg na de Domstad in de richting van een van de andere in de agenda staande bestemmingen. Die enorm brede snelweg A2, met dank aan voormalig Minister Eurlings is deze weg nu vrijwel filevrij, kent maar een enorme grote beperking. De toegestane snelheid. Opmerkelijk genoeg mag je er slechts 100km/u en bewaakt Big Brother je daar met enig fanatisme. De eerste bon voor een overschrijding van de toegestane snelheid met 4km/u heb ik al binnen. Trajectcontrole middels camerasystemen boven de weg waken over de veiligheid, maar vooral uw portemonnee. Wie te snel rijdt betaalt daarvoor. Hoe sneller hoe beter voor de schatkist! En dat schijnt op die weg een goudmijn te zijn. Vervelender is echter dat dit leidt tot een bijna gefrustreerde manier van rijden. Vijf banen breed (en soms nog meer bij in-en uitvoegstroken) rijden auto’s in treintjes achter en naast elkaar. Met vrijwel dezelfde snelheid. En omdat we echte Nederlanders zijn zie je als beeld dat vrachtwagens vooral rechts rijden, de tweede baan is dan voor de aannemers met hun Vito’s, Crafters of Ducato’s en de particuliere lieden in hun AA-klasse Aygo’s en soortgelijken.
Baan drie is voor de ‘net even slimmere’ en wat snellere middenklassers terwijl de echte leasebakken op baan vier blijven rijden om niet tussen al het gepeupel verzeild te raken. De vijfde baan is dan voor hen die zich helemaal niks van die controles aantrekken en buitenlanders die niet weten hoe de tolheffing in dit land in elkaar steekt. Wie zich in baan twee vast rijdt achter een bestelwagen en naar baan drie wil voor een passeeractie wordt daarbij vast gereden door de daar aanwezige lieden en uitwijken naar baan vier is er helemaal niet bij. Voor je het weet heb je zo’n rijdende container van Volvo of Audi in je nek. Frustraties opwekkende situaties dus, die je een stuk verder, na Vianen mag je 130km/u, direct kwijt bent. Omdat je dan weer normaal mag rijden en niet wordt bekeurd omdat het geld oplevert. Ook al rijden de dikke leasebakken en suv’s ook daar nog steeds constant links. Dat deel van de snelweg is immers van hen en hen alleen. Waarbij die aannemers in hun rijdende gereedschapschuren ineens soortgelijk gedrag vertonen. Het blijft lastig in ons land met dat verkeersgedrag. Alsof we officieus toch nog met de Engelsen gelijk op gaan en vooral links willen rijden. En dat allemaal om die tol te vermijden en ons imago en ego te strelen. Madurodams gedrag op een snelweg zo breed als een beetje behoorlijke landingsbaan op Schiphol….
Als blogger met een grote voorliefde voor bepaalde vormen van vervoerstechniek, zoals auto”s (..), beweeg ik me graag in discussies. Of dat nu op Twitter, Facebook of Linkedin is. Bij die laatste portal raak ik nog wel eens verwikkeld in uiteenzettingen over het voor- of nadeel van elektrische auto’s, de toekomst van dit soort technieken of bijvoorbeeld de botsbestendigheid van kleinere of grotere modellen. Veelal kom je dan mensen tegen die de discussie aangaan vanuit hun persoonlijke ervaring met een bepaald type auto, een suv bijvoorbeeld, en dan elk argument dood slaan door vanuit die merk/modelkeuze anderen het woord te ontnemen. Kom je veel tegen bij Volvorijders, maar vlak ook de Audi-mastodontbezitters niet uit. Alsof die rijdende containers zaligmakend zouden zijn op veiligheidsgebied, weggedrag of het terrein van brandstofverbruik.
Ik ben altijd benieuwd naar achterliggende feiten. Heeft men die auto zelf aangeschaft of is hij door de ‘baas’ aangeschaft en via leasing ter beschikking gesteld? Als ik hier schrijf over bepaalde merken zie ik aan de leesstatistieken dat ‘lezen over..’ iets heel anders is dan ‘kopen’. Immers, de RAI/RDW-verkoopstatistieken laten bepaald geen florissant beeld zien als het gaat om de verkopen van een merk als Lada, maar schrijf ik er iets over wordt er wel driftig gelezen.
Ferrari’s vinden we allemaal prachtige wagens, verkopen doen ze nauwelijks in ons belastinggekke landje. Kortom, wat is nu de persoonlijke smaak van mijn lezers, welk merk spreekt ze het meeste aan, welk model zouden ze willen bezitten en (heel belangrijk) waar rijden ze nu in? Laat eens weten als je wilt, het helpt me ook om een beeld te krijgen in welke richting de lezersbelangstelling gaat. De dank is op voorhand groot voor jullie medewerking!
Recente Reacties