Fraai gevormde Britse besteller….

De Britse auto-industrie kende vele jaren lang ook een zeer belangrijke inkomstenbron via de verbreding van het gamma van de diverse fabrikanten. Daartoe behoorde ook het uitbrengen van hele reeksen bestelwagens en minibusjes. En dat deed men ook op het vasteland van Europa. Denk maar eens aan de diverse Bedford’s, Austin’s en Commers die onze kant op kwamen. Maar ook Austin en Morris waren op dit terrein actief. Met name door de vaak erg simpele techniek van de wagens waren ze goed te onderhouden en bleven daardoor redelijk betrouwbaar. Een goed voorbeeld was de opvallend vorm gegeven J-2 van Morris die in 1954 voor het eerst werd gefabriceerd. Een auto met fraaie welvende heupen, een zeer opvallende grille die wel iets had van de latere smileys en een motor die al bekend was uit de aloude Oxford Mk. II. Die motor, een 42 pk’s leverende 1489cc grote vierpitter stond voorin, naast de chauffeur. Dat zorgde niet alleen voor het nodige geluid, een kachel had je ook niet nodig, de warmte van het blok kwam al dan niet gevraagd vanzelf de cabine binnen. Verder kreeg je een stuurversnelling, een enorm vlak liggend stuurwiel en een uiterst bescheiden topsnelheid. Maar voor het werk waar de Britten de wagens het liefst voor inzetten waren ze best geschikt. En je kreeg ook een enkele voorruit. Veel concurrenten leverden nog ramen met spijltjes in die jaren, de Britten lagen op dat punt ver voor op de rest. Een sterk punt was ook dat Morris meteen een hele reeks versies wist te leveren. Naast een minibusje voor 7 personen, ook een echte besteller, een pick-up, en soms wagens met speciale opbouwen. De Britse overheid zag er wel iets in en heel wat van de Morrissen kwamen als politie- of brandweerwagens in gebruik. Dat werd nog meer zelfs toen Morris de 1622cc motor uit de Oxford VI in het vooronder van de J2 lepelde. Met 63pk was de wagen nu een stuk vlotter en kon er ook meer belading mee. Voor de liefhebber van het merk Auston werd de auto ook met dat logo voorop geleverd, batchselling was ook toen niks bijzonders. De J2 hield het met wat kunstgrepen vol tot de productie in 1966 definitief afliep. Een aantal van deze Morrissen werd omgebouwd tot camper, anderen kregen een tweede leven als gekoesterde klassieker. Door de enorme roestvorming van deze wagens bleven er niet zo veel bewaard. In ons land niet zo’n geliefde klassieke auto. Een echt goed exemplaar doet net aan 7 mille en dan hebben we het over een minibusje. Bestellers en Pick-up’s zijn zeker veel goedkoper te vinden. Na de J2 kwam Morris niet meer met een soortgelijke auto terug. Pas de Marina Van uit de jaren zeventig maakte duidelijk dat men nog iets te vertellen wilde hebben in dit marktsegment. Maar toen was het eigenlijk al gedaan met de Britse auto-industrie.

Lees ook:Brits werkpaard; Morris J2!
Lees ook:Rond werkpaard; de Morris J2
Lees ook:Britse middenklasse; Austin Cambridge
Lees ook:Eeuw oude Morris…..
Lees ook:Dat imago toch; M.G.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.