Shelby Mustang GT500 biedt 540PK!

De neus van de Shelby Mustang GT500 lijkt op die uit de 60-er jaren

De neus van de Shelby Mustang GT500 lijkt op die uit de 60-er jaren

Je zou denken dat Ford bij de pakken neer gaat zitten nu de kredietcrisis het concern al enige tijd in de greep houdt. Niets blijkt minder waar.

Men ontwerpt, bouwt en introduceert gewoon nieuwe en zeer opvallende auto’s. Zoals de uiterst smakelijk Shelby GT500, die vermoedelijk in 2010 productierijp zal zijn. De nieuweling krijgt een 540PK sterke V8 onder de dikke klep die 5,4 liter groot is en twee bovenliggende nokkenassen biedt. OM de boel ook gecontroleerd op de weg te houden is een nieuwe versnellingsbak ontwikkeld die wordt aangeduid als Tremec-zesbak. Ook een nieuwe koppeling met wat dikkere platen moet zorgen voor een zorgvuldiger schakelgedrag voor de snelle Ford. Uiterlijk is de nieuwe Mustang nog wat opgepept t.o.v. minder ruim in de paardenkrachten zittende zusjes. Los van de opvallende blauwe lakkleuren en de grote witte strepen over de hele lengte van de wagen, zijn ook 19 inch velgen en Brabo remschijven gemonteerd met vier zuigers. Wie de grenzen op wil zoeken van het rijgedrag kan de elektronische ESP afzetten of zelfs de zgn. ‘Sport’ stand opzoeken. De neus van de nieuwe Mustang lijkt op die van de vroegere Shelby-Mustangs uit de zestiger jaren van de vorige eeuw en dat is bepaald een compliment voor de ontwerpers. De nieuweling weegt bijna 1800 kilo en daarmee is de Shelby Mustang GT500 de sterkste en meteen ook de zwaarste Mustangversie ooit.

Boeken uit Aken..

Lexikon der Automobile is een handig naslagwerk....

Lexikon der Automobile is een handig naslagwerk....

Een van de leuke dingen van het af en toe even buiten de landgrenzen verkeren is dat je dan meestal weer met wat nieuwe zaken terug komt.

 

 

Althans zo vergaat het mij. Laat me dwalen door een Duitse, Belgische of Engelse stad en elke boekwinkel is de mijne en elke modelshop een plek om een paar leuke uurtjes door te brengen. En altijd kom ik met nieuwe aanvullingen van alle collecties retour. Zo ook uit Aken waar ik eind vorig jaar even een paar dagen genoot van ‘even niks te hoeven’. Bij de zeer uitgebreid gesorteerde boekenwinkels in die oude keizerstad was het niet lastig om de nodige fraaie boeken te vinden waarvan ik er hier twee voor u even beschrijf.

Allereerst een handig naslagwerkje onder de titel: ‘Lexikon der Automobile’, uitgegeven bij Komet Verlag in Keulen en met ISBN nummer: 3-89836-547-6 te koop voor slechts € 3,99. Het boek heeft 288 pagina’s en beschrijft maar liefst 270 beroemde of onbekende oldtimers. Per beschreven auto wordt een beknopte technische omschrijving gegeven en een uitgebreide geschiedenis van de fabrikant en het bewuste autotype. Alle foto’s zijn in kleur. Ik las het met veel plezier uit en pikte toch weer een paarnieuwe ‘weetjes’ op. Voor iedereen die geïnteresseerd is in de geschiedenis van de auto is dit een waardevolle aanvulling van de autotheek.

Ik heb sinds ik in 1999 het Horch/Trabantmuseum bezocht in Zwickau ‘iets’ gekregen met de volksauto van de toenmalige DDR, de Trabant. In de afgelopen jaren heb ik heel wat boeken over die ‘Plastikbomber’ verzameld en het is verbazingwekkend wat er allemaal over die kleine pruttelende werkpaardjes bekend is geraakt. Een erg leuk boek is het door auteur Karsten Freund geschreven: ‘Trabbi – Die Legende Lebt’ dat ook al verscheen bij Komet Verlag en ISBN-nr. 978-3-89836-702-8 te koop lag voor € 9,95. Het is een mooi gebonden boekwerk, 143 pagina’s dik, vol met boeiende verhalen en kleurenfoto’s. De geschiedenis van Horch, Ifa en Trabant komen voorbij, maar ook de curieuze vormen van Trabantgebruik na de Wende. De auteur laten de beelden voor zichzelf spreken, een groot deel van het boek bestaat uit soms pagina grote foto’s. Voor liefhebbers van auto’s die onterecht een wat minder imago kregen is dit een erg aardig boek, omdat het ook de schoonheid van het basisvervoer voor honderdduizenden Oost-Europeanen laat zien. Ik vond beide boeken bij Wolthat in het Duitse Aken.     

Onbekend en onbemind; de Hino Contessa!

Wie wel eens een reis heeft gemaakt door het Verre Oosten is daar als autoliefhebber vast wel eens de naam Hino tegen gekomen.

Tegenwoordig een van de grootste vrachtauto- en busfabrikanten ter wereld. Maar er is toch een wat minder bekende pagina uit het bedrijfsgeschiedenisboek van deze Japanse fabrikant die ik hier even aandacht wil geven. Ooit, in de jaren vijftig had deze autobouwer door dat er een enorme expansie zou komen voor personenwagens. Mits goed gebouwd en laag geprijsd. In tegenstelling tot fabrikanten als Toyota, Nissan en Mazda koos Hino voor een licentieproduct.

De Hino Contessa was een typische Japanse auto met een Frans hart...

De Hino Contessa was een typische Japanse auto met een Frans hart...

Men onderhandelde met Renault over het gebruik van de techniek van de toen mateloos populaire Renault Dauphine. Uitgerust met 1300cc motor die achterin werd gemonteerd, bouwden de Japanners een typische Aziatische koets op de beschikbare bodemplaat en aandrijflijn en voorzagen de wagen van een het nodige chroom. Voordeel was natuurlijk dat de auto in relatie korte tijd kon worden ontwikkeld, maar men erfde ook de typerende nadelen van dergelijke wagens van de Renault. De als ‘Contessa’ gedoopte auto werd nooit een echt succes.

De 1300cc motor van de Contess zat achterin...

De 1300cc motor van de Contess zat achterin...

Ook in Nederland kwam hij op de markt, maar doordat de Hino duurder was dan het origineel en bepaald niet beter reed dan die Franse tegenvoeter was het geen succes. Toch waren er indertijd eigenlijk wel een paar grote importeurs die hem hadden willen vertegenwoordigen. Zo is bekend dat de familie Lauret, van de Binckhorst, getracht heeft de Hino Contessa te importeren. Hoe dan ook, de Hino was een van de eerste Japanse personenwagens die Nederland bereikte. Maar het duurde allemaal slechts kort en al snel werd de import gestaakt, net als de productie. Hino ging zich weer toeleggen op waar het wel goed in was, het bouwen van zwaar materieel. Op een enkele plek kom je nog wel eens een Hino Contessa tegen. Lastige klassieker door het totale gebrek aan onderdelen. Maar wel een wagen die het verdiend om bewaard te blijven voor het nageslacht, al was het maar om aan te tonen dat niet elke Japans merk gedoemd was een groot succes te worden. Intussen is Hino onderdeel van de Toyota-groep geworden. En zijn we de Contessa eigenlijk compleet vergeten! 

Mengeling van stijlen kenmerkte de Contessa

Mengeling van stijlen kenmerkte de Contessa

   

 

 

Afscheid van 2008

Auto's als de Toyota Augo zijn momenteel mateloos populair..

Auto

Als er een feit duidelijk is geworden in dit bijna afgelopen jaar dan toch wel de kwetsbaarheid van de als machtig en bijna onoverwinnelijk beschouwde autobranche.

 

 

Bij een beetje tegenwind staan die reuzenconcerns kennelijk als op drijfzand gebouwd. Van de grote Amerikaanse drie was dat al enige tijd bekend, maar ook bij Toyota wordt voor het eerst in een en zeventig jaar(!) verlies gemaakt. Bij Volkswagen staat een overname van het aandelenkapitaal door het toch flink kleinere Porsche op het programma en doen alle concernmerken een fikse stap terug. De Chinezen moeten nog even wachten voor ze het verwende westen kunnen laten genieten van hun goedkope vervoermiddelen en bij de Franse merken is het ook niet allemaal koek en ei. Wat je ziet is dat de consument juist op zijn autoaankopen gaat besparen. Als hij of zij ook maar even twijfelt aan de financiële zekerheden in de toekomst gaat de hand op de knip. In een branche waar tegenwoordig toch al uiterst geringe rendementen worden behaald, houdt dat in dat we nu al fikse saneringen zien. Ook bij importeurs, zeker bij dealers! Dat wordt niet verbeterd doordat de auto’s die momenteel wel worden verkocht meestal aan de kleine kant zijn. De halverwege dit jaar torenhoog gestegen brandstofkosten en allerlei (overbodige) milieuheffingen zorgen voor een verschuiving in de markt. Kleine modellen doen het ineens goed. Maar zo goed als ze voor het budget van de consument zijn, zo slecht zijn deze autootjes voor de bedrijfsvoering van de dealers. Je moet als dealer van goede huize komen om op een transactie bij dit soort miniauto’s nog uit te komen boven de 100 euro brutowinst. Tel daarbij op dat al die veel te duur ingeruilde gebruikte auto’s momenteel worden afgewaardeerd tegen percentages van ergens tussen de 30-50%. En zie ook dat onderhoud vermoedelijk weer wat op de lange termijn zal worden geschoven en het probleem voor veel dealerbedrijven dient zich aan. Kortom het zijn roerige tijden in autoland. Ook op het gebied van de verkopen in het bedrijfswagensegment breken lastige tijden aan. Net nu het even beter leek te gaan in die sector is het nu weer huilen met de pet op. De logistieke sector heeft het lastig en stelt aankopen van nieuwe en dure nieuwe bedrijfswagens uit. En zo is de cirkel rond en zal het voor heel wat fabrikanten lastig worden om volgend jaar het hoofd boven het economische water te houden. Het is een wereldwijd probleem. Geen land of merk kan zich er aan onttrekken en het gevolg zal zeker zijn dat we wellicht in 2009 hele merken zullen zien verdwijnen. Misschien naar China, misschien slechts naar de geschiedenisboeken. 2009 een interessant jaar. Ik hoop u daar weer dagelijks verslag van te kunnen en mogen doen.

Vooralsnog wens ik u allen een plezierige jaarwisseling en een goed begin van 2009. En doe voorzichtig onderweg, want het gaat vannacht misten en het wordt glad……een slechte combinatie voor het verkeer!     

Krabben of spuiten?

We hebben nog geen sneeuw gezien, maar wat te doen als dat ook nog valt bij deze temperatoren?

We hebben nog geen sneeuw gezien, maar wat te doen als dat ook nog valt bij deze temperatoren?

Ik denk niet dat ik de enige autobezitter ben die een hekel heeft aan dat dagelijkse ritueel van het schoonmaken van de autoruiten in deze winterse periode.

 

 

Staat je trouwe vierwieler enkele uren stil zit er al een ijslaagje op en dat laat zich maar moeizaam verwijderen. Tuurlijk, het achterraam is vaak een makkie, je start de motor, zet de achterruitverwarming aan en binnen enkele seconden begint de laag op de buitenzijde al te smelten. Maar voor- en zijruiten zijn een ware crime. Ik heb zelf alle hulpmiddelen aan boord voor het goed weghalen van dat spul, maar zoals gisteren drie keer per dag is toch een beetje veel van het goede. Handig zijn die spuitbussen uit de verschillende supermarkten. De-frost, antivriesvloeistof of hoe het ook maar moge heten. Onlangs kocht ik weer zo’n spuitflacon. IK weet niet meer waar, maar het kostte me een euro of drie. Gisteren benutte ik het spul. Om te constateren dat weliswaar de harde ijslaag even wordt aangetast en zachter wordt, maar even later blijkt het spul zelf te bevriezen. Het is volgens het opschrift op het labeltje goed voor temperaturen tot -10 graden, dus daar zou je toch op mogen vertrouwen. Maar niets is minder waar. En zo blijkt het meer ruitenreiniger dan ijsverwijderaar te zijn…….Tijd dat het warm water gaat regenen!

En u, waarde medeweggebruikers, heeft u een formule, een middel, een slimme truc om alle ruiten ijsvrij te houden in dit soort omstandigheden? En dan bedoel ik niet het voor de hand liggende hoesje over de voorruit….dat heb ik ook, maar waar ligt dat ook alweer…?   

Skoda stelt doelstellingen bij..

Ook bij Skoda sloeg de economische crisis toe. Daardoor moeten de doelstellingen voor het behalen van een jaarlijkse productie en verkoop van 1 miljoen Tsjechische voertuigen in 2011 sterk worden bijgesteld naar beneden.

Skoda zag haar marktaandeel door de instortende markten in vooral Spanje, Engeland en in heel Oost-Europa scherp dalen. De Tjsechen willen die miljoen auto’s wel halen, maar denken dat ze daar nu een paar jaar langer voor nodig hebben dan oorspronkelijk gepland. Op dit moment staat de teller op 620.000 eenheden die in Tsjechië en elders worden gebouwd. Een zeer belangrijke exportmarkt, Duitsland, neemt daarvan alleen al 120.000 exemplaren af. In dat land is Skoda het tweede importmerk geworden. Moeder Volkswagen rekent voor alle merken binnen haar concern al met een daling van twintig procent, maar Skodachef Reinhard Jung hoopt dat zijn merk het toch nog beter zal blijven doen. Doordat de Tsjechen minder in typische nichemarkten werken zou hij wel eens gelijk kunnen krijgen. Voorlopig moeten de Tsjechen wel via arbeidstijdverkortingen in de drie fabrieken van het moederland rekening gaan houden. Men gaat over op een vierdaagse werkweek en denkt dat dit zeker nog zes maanden lang nodig zal zijn.        

Elektrische auto’s nog geen alternatief

Volgens de grootste toeleveraar van de auto-industrie, het Duitse concern Bosch, zijn elektrische auto’s ook in de nabije toekomst geen alternatief voor de bekende auto’s met verbrandingsmotoren.

Milieuvriendelijke voertuigen zijn meestal niet volwaardig genoeg voor serieproductie

Milieuvriendelijke voertuigen zijn meestal niet volwaardig genoeg voor serieproductie

Wel helpen al die ontwikkelingen op langere termijn wellicht om een alternatief te bieden voor motoren die gebruik maken van fossiele brandstoffen. Maar Bosch wil duidelijk maken dat het niet realistisch is om te verwachten dat er bijvoorbeeld al in 2010 een elektrisch aangedreven voertuig op de markt komt dat dezelfde rijeigenschappen biedt als de huidige generatie auto’s met benzine, diesel of gasmotoren. Bosch denkt dat de eerste in kleine series beschikbare en praktisch bruikbare voertuigen met elektromotoren ergens rond 2015 op de markt zullen komen. Daarbij is dan wel een voorwaarde dat de overheden de enorme ontwikkelingskosten voor deze nieuwe technieken dan (deels) voor hun rekening nemen om de kostprijs per voertuig nog een beetje binnen de perken te houden. Volgens Bosch blijven verbrandingsmotoren nog minstens twintig jaar dominant, waarbij het verbruik wel zal dalen met een procent of vijftien. Ook hybridevoertuigen zullen nauwelijks een rol gaan spelen in de komende jaren. Het is domweg een kwestie van praktische handelbaarheid en infrastructuur willen deze alternatieve voertuigen een belangrijke plek kunnen veroveren in het dagelijks autogebruik. Denk daarbij aan opladen van accu’s, de totale laadtijd, actieradius, en het rijgemak. Bosch verwacht overigens wel dat door de ontwikkeling van steeds meer megasteden in de wereld, de vraag naar kleine en ultra-goedkope auto’s sterk zal toenemen. In stedelijke gebieden heb je domweg geen behoefte aan een grote auto en kan een kleine een prima alternatief zijn voor open tweewielers of een niet altijd even efficiënt openbaar vervoer.

 

Ook bij Ford zoekt men naar alternatieven voor verbrandingsmotoren...

Ook bij Ford zoekt men naar alternatieven voor verbrandingsmotoren...

Terug in de tijd; Polski Fiat 125P

Er zijn van die Poolse Fiat's meer dan 1 miljoen exemplaren gebouwd...

Er zijn van die Poolse Fiat

Ik neem u terug naar een tijdperk waarin het kennelijk normaal was dat auto’s werden verkocht met een bedenkelijke kwaliteit.

Die kwamen uit het oosten, maar ook net zo vaak uit het westen. Indertijd werkte ik voor een dealerbedrijf in Amsterdam. Een van de daar verkochte merken was het door toenmalig importeur Englebert ingevoerde Poolse merk FSO. Dat stond voor iets als ‘Automobielfabriek voor de vooruitgang van het socialisme’ of zo. Ik had die in Warschau gevestigde fabrieken indertijd nog niet bezocht, later zou ik er twee keer te gast zijn. Wat ik na die bezoeken wel wist, maar op het moment in de tijd waar ik u mee naartoe terug neem nog niet, was dat die Polen het met de kwaliteit van hun producten nog een beetje minder serieus namen dan bijvoorbeeld de Tsjechen van Skoda of de Russen van Lada. FSO bouwde een oude Fiat in licentie, de 125. Die auto was indertijd een van de grote middenklassers uit Turijn en die dingen reden als gif. Ze roestten even snel overigens en dat deden die Poolse versies duidelijk minder. Maar dat was naast de lage prijs en grote binnenruimte dan meteen ook een van de weinig voordelen. De Polen hadden de onderstelconstructie aangepast en versterkt, de motoren geknepen en de materialen zelf bedacht en gefabriceerd. Reed je er rustig mee dan ging het allemaal wel, maar op hogere snelheden was het flink afzien door alle trillingen in die Poolse Fiat’s. Toch was er wel een markt voor en zo kon het gebeuren dat mijn toenmalige directeur aan mij vroeg om samen met een paar collega’s een serie van die Poolse wagens op te halen bij de importeur. Dat was indertijd normaal gebruik en scheelde weer een hoop transportkosten. Daarbij wisten we dan meteen wat er aan die wagens mankeerde en waar bij de zgn. ‘nulbeurt’ op moest worden gelet. Nadat we de auto’s hadden afgerekend en voorzien van een groen kentekenplaatje togen we onderweg naar huis. In colonne, want dan wist je zeker dat er altijd hulp was als er iets mis ging onderweg. Mijn vervoer was een fraai glanzende FSO 129P/1.5 in een luxe versie. Het stuurwiel had het formaat van dat in een stadsbus en de besturing (geen bekrachtiger) was iets voor mannen met stevige armen. De wagen startte na het tanken prima, we reden weg uit de poort van het importeurspand en draaide de daar vlakbij gelegen provinciale weg op. Bij het opschakelen van twee naar drie klonk een klap uit het vooronder van mijn Poolse limousine en staakte de wagen elke voortbeweging. De achterwielen blokkeerden en daar stond ik dan.

Mijn collega’s verdwenen uit zicht. Hun Polski’s deden het fijn…….Het starten van de wagen mislukte…..alsof de startmotor door een reuzenhand werd tegengehouden…..Toen de technische hulptroepen er bij kwamen, men mistte me toch bij het eerstvolgende stoplicht, bleek dat de Poolse Fiatmotor in de soep was gedraaid. De krukas was gebroken. Volgens de importeur was dit een ‘unicum’ en kwam dit ‘nooit voor’. Na een paar jaar dealerschap wisten we beter. De drie keer gelagerde krukassen werden berucht om hun neiging tot breken……En toen ik uiteindelijk het productieproces zag en de desinteresse waarmee in die Poolse fabriek werd gewerkt wist ik genoeg. Dit was geen goed product. Wij staakten het dealerschap. Na drie importeurs werd ook de landelijke verkoop gestaakt in de jaren tachtig. Daewoo nam de boel in de jaren negentig over en beloofde beterschap, maar de ultieme Poolse uiting van zelfwerkzaamheid, de Polonez, was toen zelfs voor de eigen bevolking niet meer te pruimen. Men ging over op Nexia’s en dat soort auto’s. Ik wist het al toen die 125P er zo maar mee ophield. Ik wist het ook al toen ik de fabriek had gezien. Polen kunnen veel wellicht, maar geen eigen auto’s bouwen. Maar een aardig verhaal is het wel……          

 

 

 

Ex-ministers zie Rekeningrijden niet zo snel komen…

Wie mij regelmatig leest, ik publiceerde er her en der al eens het een en ander over, weet dat ik op zijn zachtst gezegd geen voorstander ben van het systeem van tolheffing dat onder de noemer ‘rekeningrijden’ wordt opgelegd aan automobilisten en andere weggebruikers. Het waarom laat zich raden. Omdat wij te maken hebben met een overheid die oneigenlijke redenen gebruikt om dit systeem of elk ander vergelijkbaar, er door te krijgen. De vele belastingen die nu opgestapeld zorgen voor het gegeven dat wij als Nederlanders na de Denen de meeste kosten dragen van heel Europa op autogebied, zouden door dat rekeningrijden moeten worden vervangen. Nu wilde Minister Eurlings dit nog wel in 2011 invoeren tegen een zgn. Budgetneutraal regime, maar zijn collega Bos wilde toch nog een deeltje reserveren van de BPM, omdat hij de financiën niet kan missen. Kortom, dat rekeningrijden komt niet in de plaats van…, maar gewoon bovenop. En dan wekt het verbazing bij de dames en heren politici dat er zo ‘weinig draagkracht’ in de maatschappij is voor dit systeem. Juist vandaag besteedt het Nederlandse Dagblad aandacht aan de mening van de vijf voorgangsters van Eurlings op de post van Minister van V&W. Daaronder ook Tineke Netelenbos die indertijd al trachtte het vermaledijde tolsysteem er doorheen te drukken. Want ‘zij moest en zou bewijzen dat je zo de files kon beperken’. Gelukkig kreeg zij haar zin niet en verdween ze van het toneel. Maar zij haalt wel uit naar de zgn. ‘autolobby’ in dit land die kennelijk in staat is om een ‘goed en effectief middel tegen de files’ te dwarsbomen. Laat ik daar nu heel blij mee zijn, want laten we wel zijn een onbetrouwbare overheid is wel het laatste waar we op zitten te wachten in deze onzekere tijden.  

Heel fijne Kerstmis toegewenst!

Heel plezierige Kerstmis teogewenst, of u nu in een Auburn rijdt....

Heel plezierige Kerstmis teogewenst, of u nu in een Auburn rijdt....

Wij wensen alle lezers van dit Auto.blog.nl een veilige, warme, gelukkige, vreedzame, en rustige Kerstmis toe. Samen met iedereen die u dierbaar is. Na de Kerst gaan we hier gewoon weer door met u te informeren over leuke zaken die te maken hebben met het automobiele wereldje…….dus blijf ons lezen, vertel het anderen en kom ook met uw ideeen………..

 

Heel veel plezier in de komende dagen………

....of in een Zastava!

....of in een Zastava!