Stoomauto’s van Stanley

In de rijke geschiedenis van de auto zitten een paar, dat het eigenlijk maar net niet haalden. Technische innovaties die in het tijdvak waarin ze ontstonden uiterst logisch leken, maar die toch niet op konden tegen de efficiency van de nu nog steeds populaire verbrandingsmotoren. Een daarvan was de stoomauto. Die was uiteraard een direct gevolg van de toen zeer populaire aandrijving van locomotieven en landbouwmachines, om het over de grote industrie maar niet te hebben. In de 19e eeuw was stoom net zoiets als wind-en zonne-energie nu. Er werd dan ook driftig geëxperimenteerd met koetsen die op stoom werden voortbewogen, maar de machines waren niet efficiënt genoeg om als serieuze voortstuwing te dienen. Dat veranderde door de komst van kleinere stoominstallaties waarmee o.a. vrachtwagens en bussen werden aangedreven en in het verlengde geschikt gemaakt werden voor gebruik in de eerste personenauto’s uit die dagen. Het stoomsysteem was tamelijk ingewikkeld. Je had allerlei met elkaar verbonden onderdelen nodig die veel ruimte in beslag namen. Maar ook door de vluchtigheid van de brandstof die de stoom veroorzaakte, water, was de actieradius redelijk beperkt. Dat veranderde pas toen men in staat bleek een doelmatige condensor te bouwen die afgewerkte stoomdampen weer omvormde tot water waardoor hergebruik mogelijk bleek. Het leidde er toe dat een Doble Steamer in 1926 in staat bleek om een afstand af te leggen van 1200 km zonder bijtanken. Normale stoomwagens haalden net aan 400km. De stoomwagens bleken ook een flink eind sneller dan vergelijkbare benzineauto’s. In de meeste gevallen was de stoomauto 50% sneller. Maar je bleef zitten met de lange opstarttijd, de stoomketel moest op druk worden gebracht, en het hele systeem was zeer onderhoudsgevoelig en vroeg van de berijders een aardige kennis van de techniek. De soepele loop was dan weer het voordeel. Een van de fabrikanten die heilig geloofden in het stoomprincipe was Stanley Motor Carriage Corp. uit de Verenigde Staten. Dat bedrijf startte al in 1897 met de fabricage van stoomauto’s en bleef deze wagens uitbrengen tot in 1927. In de tussenliggende periode bewezen de Stanley’s dat ze zeer competitief waren en dat er ook een flinke vraag naar deze wagens was in de toenmalige markt. In 1906 vestigde een Stanley zelfs het wereldsnelheidsrecord voor auto’s toen een racewagen van het merk maar liefst 195km/uur. Ook Stanley moest uiteindelijk erkennen dat de steeds verder ontwikkelde benzinewagens het plein in hun voordeel beslechtten. Uitgerust met een elektrische startmotor en met hun direct tot prestaties gereed staande benzinemotoren waren ze de stoomwagens domweg een hele straat vooruit en bleven dat ook tot in lengte van jaren. Later trachtte men nog wel eens met stoom verder te experimenteren, de Stirlingmotor was een soort afgeleide van het principe, maar ook dat bleek geen succes.

Lees ook:Hoe nieuw is elektrische aandrijving eigenlijk?
Lees ook:Stoomauto wil nieuw snelheidsrecord zetten
Lees ook:Het risico van digitale systemen…
Lees ook:De ringen van DKW…
Lees ook:Onbekend, befaamd, en heel oud; American LaFrance

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.