- Home
- Karakteristiek Klassiek
- Grote Europese Ford – de Granada
Ford heeft eigenlijk net als Opel altijd wat problemen gehad om zich in ons werelddeel te profileren als een fabrikant van auto’s voor mensen met een wat hoger inkomen of salaris. Men was sterk in modellen voor arbeiders, burgers en buitenlui, maar nooit kon met de directeuren van wat grotere bedrijven voorzien van een aansprekend model. Men deed voldoende pogingen. Zowel de Fordfabrieken in Frankrijk, Engeland als Duitsland zochten vaak naar manieren om die hogere marktsegmenten binnen te komen. Maar echt lukken deed dit niet. Aan het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw bracht men een auto die in ieder geval een serieuze poging daartoe deed.
Duidelijk afgeleid van de zeer succesvolle Taunusreeks, maar wel een hele slag groter, bracht men de Consul en Granada op de markt. Ruim veertig centimeter langer dan een Taunus uit die dagen en voorzien van een viercilinder van 2 liter (Consul) of een zespitter met 2,3, 2,5 of 3 liter inhoud (Granada) waren het redelijk ‘rijke’ wagens met een indertijd zeer aansprekende uitrusting en styling. De wagens werden geleverd als sportieve coupe, sedan of stationcar, in dat laatste geval heette de grootste Ford dan Turnier. Het waren best zware wagens ook. Met de kleinste motor woog een Granada al snel bijna 1300 kilo, de combi bracht 1430 kilo leeggewicht op de schaal.
Het moet gezegd, de Granada sloeg aan. Goed geprijsd, prima rijdend, waren het wagens die een zeker publiek wisten te boeien. Ook al stapten maar weinig directeuren over vanuit een Mercedes naar een Granada. Maar de auto appelleerde wel bij middenstanders en mensen die altijd hadden gedroomd van een Amerikaan maar zo’n slagschip toch net even te groot vonden. De grote Fords waren ook snel, 175-185km per uur waren normale topsnelheden en die bereikte je in een aardige mate van comfort. Nadeel was dat de wagens een vrij conventionele wielophanging meekregen en die was op sommige momenten niet bepaald ‘klappervrij’. Ook liet de afwerking en de roestgevoeligheid soms wel wat te wensen over. De Granada werd in de loop van de jaren zeventig steeds wat opgefrist. Er werd wat gewisseld met motoren en men hield de prijzen aardig in de gaten.
En dus werd de grote Ford een redelijk succes. In 1975 kwam de eerste grote facelift. De ronde lijnen van het eerste model werden vervangen door rechte strakke lijnen. Goed aansluitend op wat ook al bij de kleinere modellen van Ford te zien was geweest. Het was dit model dat pas echt aan zou slaan. Dit kwam ook door het ‘upgraden’ van sommige klanten die uit een Taunus kwamen en een wat groter vermogen nodig hadden of domweg nog meer ruimte. Die mensen hoefden ook geen drempels te nemen om in de grootste Ford te gaan rijden. Voor Koningin Juliana kwam er een speciale verlengde Granada en die moest het imago van de wagen nog verder verhogen. De Granada bleef een goed verkopend model tot hij uiteindelijk in de jaren tachtig werd afgelost door de veel moderner ogende, maar technisch verwante Scorpio. Dat die Granada geliefd was bleek wel uit het feit dat zijn opvolger in Engeland nog heel lang gewoon Granada werd genoemd om de vaste koperskring niet te frustreren. Granada’s waren trouwens ook bij politiekorpsen in de landen om ons heen erg populair.
De wagens waren betrouwbaar, snel, comfortabel. En ze deden bijvoorbeeld bij de oosterburen nog jaren na afloop van de productie, nog steeds trouw dienst. Toch zijn het geen echt gezochte klassiekers. Je koopt een goed exemplaar voor onder de vijf mille. En dat is niet veel geld voor een wagen als deze. Nog steeds onderschat??
Lees ook:Topper van een budgetmerk; de Plymouth Barracuda 1970-1974
Lees ook:Succesvol maar vergeten; de Simca 1100
Lees ook:Nog steeds geliefd; de Ford Anglia 105E
Lees ook:Bijna vergeten Fiat, de 131 Mirafiori…
Lees ook:Onbekende Skoda; de 1200 Sedan
Heb jij Auto.Blog nog steeds niet toegevoegd aan je Google homepage of Reader? Klik hier!