Chrysler/Jeep heeft het momenteel niet zo gemakkelijk. De markt voor Amerikaanse auto’s is na de crisis aardig in elkaar geploft en dat is eigenlijk zeer onterecht. Want Chrysler/Jeep heeft natuurlijk een prima naam op het gebied van terreinwagens met vierwielaandrijving die ook nog eens een heel hoge ‘funfactor’ bieden. Deze toegevoegde waarde geldt in overtreffende trap voor de Wrangler Unlimited, de Jeep die onoverwinnelijk is in mul strandzand en tegelijkertijd als volledige 4-deurs cabriolet deze zomer mee viert. En nu is daar ook nog eens de Wrangler Unlimited BeachRescue, een speciaal model dat opvalt door nog wat krachtiger uitelijkheden, een zeer uitgebreide standaard-uitrusting én een scherpe prijsstelling.
De terreineigenschappen van de Jeep Wrangler Unlimited zijn bijna legendarisch. Met deze auto kan zelfs het zwaarste terrein worden bedwongen. Zandduinen en (verlaten) stranden bijvoorbeeld overwint hij met gemak. Bovendien zijn de hardtop en de deuren relatief simpel te verwijderen waardoor een unieke cabriolet ontstaat voor de heerlijke zomermaanden. De BeachRescue wordt in een beperkte oplage geproduceerd.
De vierdeurs Jeep Wrangler Unlimited BeachRescue is op het eerste gezicht herkenbaar. Zo beschikt de auto over markante deurschilden die krassen en deuken moeten helpen voorkomen. Een ander opvallend detail is de reservewielafdekking. Deze heeft de kleur van de carrosserie en is voorzien van een contrasterende afdekplaat met Jeep-logo. De buitenspiegels zijn ook al afgewerkt met speciale spiegelkappen. Ook deze zijn uitgevoerd in carrosseriekleur én voorzien van het Jeep-logo (in reliëf). Het bijzondere karakter van deze Jeep Wrangler Unlimited BeachRescue komt ook tot uiting in de zeer complete standaarduitrusting. De Freedom Top 3 bijvoorbeeld, maakt alle gradaties tussen open en dicht rijden mogelijk. Daardoor is deze speciale editie van de Wrangler Unlimited geschikt voor alle (weers)omstandigheden – van beachclub tot en met wintersport. Ook standaard is: airconditioning, centrale deurvergrendeling, keyless entry met startonderbreker, zijairbags in de voorstoelen, cruise control, 17-inch lichtmetalen velgen inclusief speciale Goodyear Wrangler banden met witte opdruk, een met leer bekleed stuur, extra donker getinte zijramen achter en de handige Freedom Panel opbergtas. De enige beschikbare optie voor dit beperkt verkrijgbare model is metallic lak. De Jeep is leverbaar met de soepele 3,8-liter V6 motor en de efficiënte 2.8 CRD- dieselmotor. Beide modellen beschikken standaard over een handgeschakelde zesversnellingsbak – de 2.8 CRD is optioneel te leveren met een vijftraps automaat. Het actiemodel staat in de prijslijst voor € 46.990,- en de uitvoering met de 3.8 V6 voor € 48.190,-. Daarmee zijn ze rijker uitgerust en bovendien nog € 3.000,- voordeliger dan de Jeep Wrangler Unlimited Sport-uitvoeringen die als basis dienen voor de BeachRescue-modellen. Wie meer wil weten over deze special Jeeps of wellicht eens zelf op hety strand wil proefrijden doet er goed aan even bij een Chrysler/Jeep dealer langs te gaan….
Je zou het niet zeggen, want het ontwerp blijft zeer trendy en toonaangevend, maar de Mini draait in de huidige gedaante alweer enige jaren mee en dus besloot moeder BMW dat het tijd werd voor een grondige opknapbeurt. In het komende najaar komen de nieuwe Mini’s al naar de dealers en zal te zien zijn hoe het hele gamma is voorzien van o.a. een frisse optiek maar dat er ook twee nieuwe dieselmotoren aan de modellijn zijn toegevoegd. En voor het eerst krijgt ook de erg leuke Mini Cabrio een dieselmotor beschikbaar. Voor veelrijd(st)ers is dat goed nieuws. De benzinemotoren waren begin van dit jaar al opgefrist en die aandrijflijn wordt dan ook gewoon meegenomen naar de nieuwste lichting Mini’s. In de volle breedte van het programma krijgt een prospectkoper straks de keuze uit een relatief bescheiden benzinemotor van 75pk in de Mini One tot een superpotente twin-turbo benzinemotor van 211pk in de John Cooper Works. Wie kiest voor een Mini van het nieuwe type met zelfontbrander krijgt meteen een roetfilter en zes versnellingsbak ter beschikking. De diesels zijn zuinig en schoon. In bepaalde versies zijn nieuwe technieken toegepast waardoor remenergie wordt omgezet naar de motor en ook start/stop-elektronica beschikbaar komt. Uiterlijk valt meteen op dat de nieuwe Mini andere bumpers mee zal gaan krijgen, die meteen een verbetering moeten verzorgen in geval van een aanrijding met voetgangers. De nieuwe bumbers zijn vor dit doel flexibeler gemaakt. Nieuwe mistlampen en een andere (grotere) luchthapper onder de bumper maken de auto nog dynamischer. De gehele verlichting wordt veranderd. En zowel voor en achter verhuizen wat lichtunits naar een andere plek. Daarnaast krijgen de achterlichten LED-technologie. Van de gelegenheid wordt ook gebruik gemaakt om de nieuwe Mini te voorzien van een paar nieuwe laktinten. Ook de optielijst wordt wat uitgebreider. Zo kan een koper straks ook kiezen voor adaptieve verlichting in bochten en Xenon-koplampen. Het interieur wordt ook wat opgepoetst. Zo komt er een nieuwe middenconsole in en zijn verschillende instrumenten gemoderniseerd. De Clubman krijgt een vernieuwde afdekking voor boven de kofferbak. Standaard worden alle nieuwe Mini’s straks uitgerust met een radio/CD-speler. Ook zijn er versies waarbij je het internet kunt bedienen met berichtjes onderweg of via Smartphones kunt werken op je mobiele telefoon of gewoon muziek kunt downbloaden. Over prijzen voor de nieuwe Mini is nog niets bekend.

Sportsponsoring is voor een gemiddeld automerk altijd wat lastig om te zetten naar extra marketingactiviteiten die zouden kunnen bijdragen aan omzet en winst. Het imago of de naamsbekendheid worden vaak gediend, maar hoe vertaal je dat nu naar de lokale of zelfs regionale markten? Veel verder dan een of ander actiemodel komt men vaak niet en als het voordeel voor de klant dan niet voldoende overtuigend genoeg is worden er op dealerniveau maar weinig extra auto’s verkocht. Vaak wordt daar iets minder over nagedacht binnen de burelen van de grote merken. Men laat dit wat over aan de importeurs of soms zelfs aan dealers zelf, maar juist die laatsten zijn in overgrote meerderheid niet zo creatief en zoeken vaak de snelle oplossingen om te komen tot zakelijk succes. Zoals u wellicht heeft gezien is Hyundai (en in het verlengde Kia) hoofdsponsor bij het WK Voetballen in Zuid-Afrika. Dit past prima bij de wereldwijde interesse van de Koreanen voor marktdominantie. De televisiebeelden gaan de hele globe rond en als je al die naamsvermeldingen bij elkaar optelt en omrekent in reclameseconden in alle betrokken landen, krijg je heel wat ‘media-exposure’. Maar hoe nu omgezet naar de markt in ons land of bijvoorbeeld in Duitsland? Een voorbeeld van hoe het moet en kan zag ik afgelopen weekend in Eindhoven. Bij toeval bezocht ik die stad van Philips, PSV en DAF en vrijwel het eerste waarmee ik werd geconfronteerd daar was een enorm paviljoen van het Koreaanse merk aan de ingang van de binnenstad.
Er waren plekken waar auto’s stonden die het publiek kon bekijken, de naam was groot in beeld, tv-schermen waren aangebracht en ik zag wat horecastandjes. Daar kijkt men ook vanmiddag vast naar de wedstrijd van Oranje tegen Slowakije. Prachtige communicatie over en weer tussen publiek, sponsor, producten en zo meer. Precies zoals het hoort. Natuurlijk kost dit iets, gratis gaat slechts de zon op, maar je bent weg van de vaak wat terughoudende en afwachtende houding richting consument. Omgekeerd krijgt het publiek de gelegenheid geboden te zien waar dat Koreaanse automerk eigenlijk voor staat. Een prima, vrijblijvende, maar effectieve manier van marketing bedrijven. Een compliment waard. Al was het maar om de gepaste wijze waarop men die activiteiten integreerde in het lichtstedelijke stadsbeeld. De moeite waard om zelf eens te gaan bekijken. En voor de concurrentie misschien iets om van te leren? Want met een actiemodelletje alleen kom je er echt niet!

In het verleden kon het merk Opel me maar matig boeien. Ook al groeide ik er mee op doordat de vader van een van mijn goede vrienden een prachtig garagebedrijf runde waar binnen men ook de nodige auto’s verhuurde. Veel mensen waren indertijd niet in staat een auto te kopen of te onderhouden, maar huren voor een ritje naar familie buiten de stad was wel een betaalbare optie. In de vloot van het bedrijf stonden de nodige Opels beschikbaar. Records, Olympia’s en later ook Kadett’s. Voor iemand die een beetje op chique wilde gaan was er een enkele Kapitan in de verhuur, die door de jaren heen groeide en groter werd omdat Opel kennelijk een deal had gesloten met de betreffende garagehouder om de nieuwste modellen in bedrijf te houden. Een werkelijk schitterende Kapitan was die uit 1959.

Strakker vormgegeven dan zijn voorganger, meer Amerikaans nog en met enorme panoramische voor- en achterruiten. Technisch baseerde de auto zich op de voorganger die in 1958 het levenslicht zag, maar slechts een korte periode ‘actueel’ bleef. Daarbij speelde vooral de beperkte zitruimte achterin, onder de sterk aflopende daklijn, een rol. Bij het modeljaar 1959 was dat dak rechter en liepen de achterportieren ook verder door. Het maakte de grote sedan tot een geliefde taxi. Je kon er vijf personen met gemak in vervoeren, maar in de gigantische kofferbak ook nog een halve verhuisboedel.

Onder de motorkap zat een 6 cilinder in lijn verpakt die 2,6 liter inhoud had en 100pk leverde. Daarmee was de grote Opel 151km/u snel en dat was een prima waarde voor een auto die nog steeds de typische Opel-wegligging vertoonde. En die was weliswaar erg comfortabel, maar ook bepaald zweverig te noemen. Een bocht nemen onder belasting en met een aardige lading achterin was iets om best even over na te denken. Hoe dan ook, dit was een heel mooie Opel. Al was het maar om de uitmonstering, het vele chroom, de witte randen op de banden, de vaak tweekleurige laklaag.

Hij viel altijd op en zolang je maar rechtuit reed was hij bijzonder plezierig in de omgang. Het was ook meteen de laatste grote Opel met typisch Amerikaanse lijnen. De auto was best succesvol, hij bleef maar liefst vier jaar lang in productie en dat was best uniek bij het Duitse merk. Natuurlijk kreeg de auto in de loop van die vier jaren links en rechts wat aanpassingen, maar het basisontwerp bleef behouden. Amsterdamse taxichauffeurs reden er graag mee, indertijd voorzien van een oranje dak. Men heeft in die jaren getracht om ook Amsterdamse taxi’s een eigen gezicht te geven. Herkenbaar voor iedereen. Helaas, het bleek uiteindelijk geen succes. Maar deze grote Opels werden er wel mee uitgevoerd. In 1964 kreeg de Kapitan een veel ingetogener ontwerp, strak, fraai. Zeker minder opzichtig. Maar mooier? Nee! Maar dat zat hem ook in de tijdgeest.
Het kan verkeren. Vorig jaar moest het Beierse automerk BMW nog haar arbeidstijden sterk verkorten omdat de vraag naar nieuwe auto’s was ingestort, dit jaar is die vraag weer enorm opgelopen. Vooral de Amerikaanse en Chinese markten ‘gillen’ om BMW’s en dus moet er in bepaalde fabrieken zelfs tijdens de traditionele zomervakanties worden doorgewerkt. Met name in de fabrieken van BMW in Leipzig, Dingholfing en het Amerikaanse Spartanburg moeten alle zeilen worden bijgezet om aan de stijgende vraag te voldoen. Dat vraagt weer heel wat overleg tussen directie van het autoconcern en de vakbonden. Want inleveren van vakanties is nog altijd een vrij precair onderwerp. Zelfs parttimekrachten wordt nu gevraagd om fulltime te komen werken. Volgens Duitse media blijft de Europese automarkt zodanig achter dat voor onze landen die productiestijging niet nodig is.
Op zoek naar iets unieks? Een auto die de buurman niet zo snel voor zijn deur heeft staan? Dan is het slim even contact op te nemen met Ford. De Franse afdeling van die fabrikant heeft namelijk een wel heel aparte serie Focussen ontworpen. Bedoeld als aankleding van de binnenkort te houden Le Mans Classic races zijn deze vijf verschillende auto’s uitgevoerd in de kleuren van befaamde Ford’s die aan dit evenement deelnamen. De beschildering maakt dus de auto in dit geval. En ze zijn uniek. Want van elke Focus in Le Mans uitvoering is er maar eentje! Na Le Mans komen ze op de markt en je mag verwachten dat er liefhebbers zullen zijn die daar best iets voor over zullen hebben. De speciale auto’s baseren zich op de Focus RS en zijn voorzien van o.a. Recarostoelen die zijn bekleed met leder en alcantara in een speciaal diamant motiefje. Speciale veiligheidsriemen met Le Mans details zijn er ook ingezet om het geheel nog meer een aparte Le Mans sfeer mee te geven. Ben benieuwd of een van deze auto’s ook naar de Lage Landen zal komen.
General Motors heeft grote plannen met haar submerk Buick. Sterker nog dan voorheen het geval was wikl men met dit merk de wereldmarkten veroveren. Daardoor krijgt men naar eigen idee meer vat op de doelgroepen die voor GM-producten in de markt zijn. Alleen in Europa laat men het werk aan Opel. Niet onlogisch, want een aantal Buickmodellen zijn als Opel al bekend geworden. Zo is de Regal een Insignia met een wat andere neus en wordt de ‘Amerikaan’ nog gebouwd in Duitsland ook. Buick moet vooral gaan scoren in de V.S. zelf en China. Maar dat moet snel veranderen omdat ook Buick sterk lijdt onder de economische crisis en de verkopen op de thuismarkt dramatisch zijn gedaald. Met nieuwe modellen moet dat weer worden omgebogen naar succes. Buick verkoopt momenteel net zo veel auto’s als het eveneens geplaagde Cadillac dat een wat hoger marktsegment moet bedienen. Volgens het GM-hoofdkantoor in Detroit is het overigens niet uitgesloten dat Buick in Europa ook op de markt zal komen met handzame modellen die onder meer zuinig zijn en lage uitlaatgas-emissies bieden. Of dat dan weer Opels zijn? Intussen profiteert het Duitse merk wel weer van die branding want zo kunnen er Opels op markten worden verkocht waar het merk zelf geen togang heeft of zal krijgen.

Opel is keihard bezig om de imagoschade weg te poetsen die het merk door de merkwaardige overnameperikelen van vorig jaar, absoluut heeft geleden. En men doet dit op de enig juiste wijzen, met opvallende, moderne en ook aansprekende modellen. Zo is de nieuwste Astra een auto die er zijn mag en die ook andere kopers aan zal spreken dan de normaal bij het (nog steeds) GM-Merk te vinden zijn. Dat wordt nog iets beter nu er geruchten gaan over een uiterst vlotte en fraaie Astra Coupe, die zijn debuut zou moeten maken tijdens de komende Autosalon in Geneve van begin 2011. Naar verluid zou de auto als Sport Coupe worden aangeduid en geeft dit meteen aan dat die nieuwe sportieve Opel niet alleen optisch vlotter oogt dan een sedan. Een grote dynamiek en flink breder spoor moeten de Sport Coupe eigenlijk in een heel ander marktsegment doen pentreren. Een tegenwoordig bijna niet meer weg te denken optisch element is een gigantisch glazen dak dat tot de B-stijl moet gaan lopen en ook nog eens open kan. Hoewel de auto wordt gebaseerd op de Astra-reeks wijkt hij daar toch wat van af qua optiek. Een andere grille, nieuwe koplampen en LED-verlichting maken de auto ook frontaal van een wat andere orde. Naar ik kon vinden op de vooral Duitstalige autosites zal vermoedelijk een 1,4 liter grote benzinemotor met turbo de basisversie bedienen, maar komen er ook 1,6 liters, tweelieters en een 1,7ltr grote TDi beschikbaar. In een uitvoering die nu wordt aangeduid als GSi zou een zeer potente 1600 komen met 210PK. Wie nog meer wil, er zou ook sprake zijn van een OPC-uitvoering met 240PK! Het enige plaatje dat ik kon vinden is eigenlijk een tekening. Gemaakt door de Zwitser Mark Stehrenberger, die al 30 jaar lang allerlei nieuwe modellen albeeldt. Soms waarheidsgetrouw, dan weer pure fictie. Maar intrigerend is het wel. Zeker als de Opel Astra Sport Coupe er echt gaat komen!

Wat is er fraaier dan het geluid van een Lamborghini? Dat van tweehonderd Lamborghini’s!! En wie dat zelf wil ervaren moest afgelopen week afreizen naar het Zwitserse St.Moritz. Daar wordt drie dagen lang namelijk het Lamborghini-Trweffen 2010 gehouden waaraan ruim 200 eigenaren met hun gest(p)ierde sportwagens hebben deelgenomen. Drie dagen lang brulden de meervoudige miljoenairsauto’s langs de oevers van het lokale meer en over de bergwegen en passen in de omgeving. Volgens de eerste persberichten waren er Lambo’s uit Europa, India en zelfs Hong Kong naar Zwitserland bijeen gekomen om samen met ‘soortgenoten’ te genieten van al dat Italiaanse fraais op wielen. Volgens ingewijden waren er honderd verschillende Lamborghini-modellen naar de meeting gekomen uit allerlei bouwjaren. Een waar Mekka voor de liefhebber dus. En als je gevoelig bent voor geluid, kunt genieten van het concert van V10′s of V12′s op volle toeren, was dit wel iets geweest. Ik ga zelf volgende keer de agenda toch eens anders invullen. Zal je net zien dat ze het dan in China organiseren of zo. Voor die eigenaren van die wagens geen probleem, maar voor mij wel.

Sinds afgelopen winter is het net of het Europese wegennet is aangevreten door gigantische mollen. Overal ontstonden gaten en scheuren in de verschillende wegen en je moet als automobilist wel een erge hekel hebben wil je daar bij je volle verstand dwars doorheen willen scheuren. In die gaten liggen vennijnige steentjes te wachten die door bruusk passeren worden opgeworpen of weggeschoten wat dan weer schade bij anderen veroorzaakt. Kortom, het is vaak een en al ellende en de kans dat al die wegen zijn gerepareerd voor het komende winterseizoen is vooral theoretisch. In het beste geval vullen de overheden die gaten provisorisch op met een beetje koud asfalt, waardoor ze weer een paar maanden berijdbaar zijn. Maar de vele honderden miljoen die nodig zijn om het wegennet weer glad en netjes te krijgen zijn niet beschikbaar. Men wil zo graag ‘leuke dingen voor de mensen’ doen dat de wegen er onder lijden. Italiaanse studenten dachten over dit ook daar voorkomende fenomeen na en bedachten een grappig en creatieve oplossing. Als je dan niet kunt of wilt repareren maak die gaten dan tenminste opvallend. En vul ze op met gele verf. Daardoor krijgen automobilisten sneller door dat er iets mis is met de weg en remmen ze vanzelf af of sturen ze om die gaten heen. De uitvinders zijn er van overtuigd dat veel ongelukken en aanrijdingen kunnen worden voorkomen als de overheid voor dit plan kiest. Uit het artikel in de Daily Express waaruit ik dit nieuwtje peurde bleek dat de Italiaanse overheid veel voelt voor het concept. Al was het maar omdat men dan op de echte reparaties kan besparen.
Recente Reacties